Deel 8c - De Nederlands Hervormde kerk van Schore

De vorige aflevering hebben we gezien dat de kerkenraad van Schore zich in veel bochten moest wringen om de kerkelijke voorzieningen in stand te houden en dominees aan te trekken. Hier zal ik nog twee van die bijzondere dominees beschrijven; Bechger en Boone.

 

Bechger

Een merkwaardige kandidaat voor de kerkgemeente van Schore-Vlake was Alex H.H. Bechger. Het aantrekken van een dominee, samen met de gemeente Vlake was niet altijd gemakkelijk. Tussen het vertrek van de ene dominee en het aantrekken van een volgende, kon soms een korte of langere tijd geen geschikte kandidaat worden aangetrokken. Zo ook in de periode 1894 en 1898. In 1894 vertrok dominee Meloen. De vacature werd pas ingevuld met dominee Eerdbeek in 1898. Alles werd in het werk gesteld een dominee voor Schore en Vlake aan te trekken.

 

In 1895 was, naar later blijkt, een niet alledaags beroep uitgebracht. In de vergadering van de stemgerechtigden van de Nederlands Hervormde Gemeente op 1 augustus 1895 is besloten om toezegging van beroep te geven aan de heer A. Bechger, voormalige Rooms Katholiek priester en Dominicaner monnik, laatstelijk predikant bij The Dutch Reformed Church te New-York, thans verblijvend te Hemmen (Gld.). Bechger gaat geregeld voor in diensten op diverse plaatsen in Zeeland. Hij hield in Zeeland en het gehele land vanaf 1894 lezingen over een door hem uitgebrachte brochure ‘Van Roomsch priester tot Protestant leraar; iets uit het leven van Alex H.H. Bechger, vroeger Roomsch Priester te Utrecht’. Ook de gemeente te Oudega had op 21 augustus een beroep op Bechger gedaan. Op 26 september wordt zijn beroep voor Sloten (Friesland) aangehouden door de Synodale commissie in verband met een aangevraagde dispensatie. Op 1 oktober ziet Bechger af van de benoeming in Schore.

 

Wie was Alex H.H. Bechger uit Hemmen waarop Schore een beroep had gedaan? Op 9 september 1883 wordt door de landelijke kranten melding gemaakt van een uitgebrachte biografie door Alex Bechger omtrent een studie van de bekende Amerikaanse dichter Longfellow. Op 27 november 1883 vertrok Bechger met het stoomschip Schiedam naar New York. Hier was hij benoemd tot professor aan het Katholiek College als blijk van waardering voor zijn studie naar de dichter Longfellow. Over zijn verblijf in New York zijn we niet ingelicht. We vernemen op 3 november 1894 hij per stoomschip Rotterdam uit New York is vertrokken met bestemming Nederland.

Daarna werd hij in Nederland vooral bekend als de bekeerde priester uit Utrecht die is overgaan tot de protestante kerk. Hij geeft hierover zowel in Zeeland als in de rest van Nederland op diverse plaatsen lezingen. Zo ook was er begin 1895 een lezing van hem gepland door het Zoölogisch Genootschap in de tuinzaal van de dierentuin. Dit werd op het laatste moment afgelast omdat katholieke leden zich door de lezing van de afvallige priester gegriefd zouden voelden. Dit leidde tot een juridisch proces over contractbreuk en schadeloosstelling door de dierentuin.

 

De lezingen van Alex Bechger waren erg omstreden in katholieke en protestante kringen. Er verschenen reacties in kranten zoals: “Fopperij! Waarom werd ds. Alex H.H. Bechger van rooms priester protestants leraar? door ‘Een Katholiek’. Die ‘Katholiek’ ontpopt zich aldra als een ‘oud-Katholiek’! Waar men al geen grappenmakers vindt! 't Zal wel onnodig zijn, onze geloofsgenoten tegen deze brochure te waarschuwen”.

 

In september 1898 verschijnt het nieuwe tijdschrift Marnix, voor niet katholieken. Hiervan was een van de redactieleden de zendeling-prediker A.H.H. Bechger te Londen. Doel van het tijdschrift was om het protestantisme te verdedigen tegen de aanvallen van Roomse zijde en om de Roomse leer, kerkinrichting en ordedienst te toetsen aan de Heilige schrift.

In 1901 zien we A. Bechger optreden als secretaris van de Christelijke Nederlandse Zeemansbond.

 

Alex H.H. Bechger, die door de gemeente Schore in augustus 1895 werd beroepen, was zowel in de protestante als katholieke kringen niet onomstreden, een kleurrijk figuur die zijn mening over zijn geloofsovertuiging niet onder stoelen of banken stak.

Boone

Er is ook nog een inwoner van Schore geweest die meerdere malen preekbeurten vervuld heeft tijdens de vacaturetijd, namenlijk Laurus Boone. Hij is een man waarvan veel Schorenaren gehoord hebben. Het begin van zijn loopbaan is in Schore gelegd. Daarom wil ik er hier tussen de andere verhalen over de kerkelijke gemeente Schore en Vlake wat over vertellen.

Laurus Boone is op 1 november 1860 te Wolphaartsdijk geboren als zoon van de smid aldaar. Later wordt Laurus voor korte tijd smidsknecht in Zeeuws-Vlaanderen. Op 21 maart 1879 trouwt hij te Kapelle met de Schoorse Pieternella Rozendaal. Toen Pieternella trouwde waren haar beide ouders al overleden.

Laurus en Pietje gingen in Schore, de geboorteplaats van Pietje, wonen. Laurus vervulde vervolgens in de kazerne in Vlissingen zijn dienstplicht en kwam daar tot geestelijke verandering. Laurus lag vaak in de nacht wakker en peinsde dan over zijn eeuwige staat. Hij werd ernstig ziek en mocht uit genade, na vele bestrijdingen, Zijn Zaligmaker leren kennen. Dit gaf hem rust en zo kon hij zijn leven overgeven in de handen van Zijn Heiland. Tevens ontstond er de drang tot leraar. Hij werd bepaald bij de woorden: 'Gaat heen in de gehele wereld, predikt het evangelie allen creaturen' (Markus 16:15).  Laurus werd aanvankelijk vrije oefenaar en kwam in aanraking met de Ledeboerianen. Later werd hij predikant in de Ledeboeriaanse gemeenten. Overigens heeft hij in de hervormde kerk van Schore nog een aantal keren gepreekt, omdat hij daarvoor werd gevraagd. Die band met de hervormde kerk is typerend voor Boone.

Er zijn enkele boekjes over ds. Boone verschenen. Het boek ‘Leven en werk van ds. L. Boone’ werd voor een groot deel door hemzelf geschreven en uitgegeven in 1935. In dit boek, dat in 1997 opnieuw is uitgegeven in hedendaagse spelling, wordt veel over het niet zo volgzame jeugdige mannetje verteld. Zelf beschrijft hij hoe hij ‘oefenaar’ is geworden.

boone.jpg

Afbeelding 1  J.M. Vermeulen, 2015/2017: Leven en werk van ds. L. Boone en de feiten van ‘1907’.

Het gezin Boone woont in een van de kleine huizen bij ‘de Hoogte’. Bij hem in de buurt woont een slager. De vrouw van de slager is erg ziek. Bij haar moet ’s nachts gewaakt worden. Ook Lautje wordt daarvoor gevraagd. De vrouw overlijdt na korte tijd. Men weet al wel dat Laurus ‘bekeerd’ is en dat hij een erg duidelijke stem heeft. Aan hem wordt gevraagd op het kerkhof een aanspraak over dood en eeuwigheid te doen.

Later is hij ook voor andere begrafenissen gevraagd. Het komt zelfs zover, dat hij ook gevraagd wordt voor ‘oefeningen’ (gebedsdiensten) in de kerk op zondag. Deze diensten heeft hij wel vijftien maal gehouden. De collectes worden niet verantwoord, maar de opbrengsten zijn heel goed. Het verhaal gaat dat Pietje, zijn vrouw, na de dienst het resultaat van de collecte in haar boerenschort laat uitschudden.

De volgende keer lezen we over de afbraak van de oude en bouw van de nieuwe kerken.